De Boezewoesj 2

Het wagentje van De Inquisiteur heeft er ondertussen al vele kilometers bij gekregen. Telkenmale Pattaya – Sakun Nakhon tikt ongeveer 900 km aan. Ongeveer ? Dat komt omdat De Inquisiteur niet over moderne middelen zoals GPS beschikt en iedere keer ofwel een afslag mist, ofwel Bangkok inrijdt wegens foutieve highway genomen te hebben, of domweg nieuwsgierig eens een onbekend stadje met een mooie naam zoals Nakon Nayok wil bezoeken en vervolgens de weg terug niet meer vind. Het komt ook omdat na iedere verblijf in het hedonische Pattaya, hoe kort ook, het lichaam van De Inquisiteur aan recuperatie toe is. Een zwaar beladen lever, overbelaste nieren, een hart dat de rook nog moet verwerken, een kop die de late uurtjes nog niet de baas is. En dan ben je weinig geconcentreerd natuurlijk.

Dus is de aankomst op het platteland een verademing. Rust. Stilte. Trager leven. Genieten van de natuur.

 

Alles in het leven is relatief leer je in Thailand. Neem nou de rust en de stilte. Dan mogen er geen politieke strubbelingen in het land van de glimlach zijn en vooral geen verkiezingen. Eens je zowat in de omgeving van Udon Thani komt zit je midden in het land van de redshirts, een politieke beweging die erg actief is. En die momenteel massaal protesten tegen de huidige politieke ontwikkelingen organiseert. Gedaan met het rustig meanderen over hobbelige wegen. Kruispunten zijn vergeven van mensen met vlaggen en andere attributen om hun eisen kracht bij te zetten. Iedere chauffeur wordt persoonlijk aangesproken wat de wachttijd aanzienlijk verhoogd en natuurlijk langere files veroorzaakt. Farangs als ondergetekende worden links gelaten tot er een over-enthousiaste militant toch zijn standpunt wil verduidelijken, een veertig minuten durend epiloog in gebrekkig Engels wat overgaat naar veel een te snel Thais eens hij merkt dat dit ook wordt begrepen. En hoe meer noord-oostwaarts je komt, hoe meer redshirts actief blijken te zijn. 

 

Nu ja, glimlachend onderga je alles, wat kan een mens meer? En arriveer je uiteindelijk toch in het zowat vierhonderd mensen grote dorpje. Heerlijk rustig en je weet dat je hier beter vroeg gaat slapen want vroeg opstaan is hier de boodschap. Een laatste blik op een fantastische sterrenhemel (want nauwelijks verlichting) en bed in, oh ja, matrasje op de grond. De nacht is inderdaad veel stiller dan in Pattaya, een verademing want geen auto te horen.

Dat je rond half zeven gewekt wordt door de hanen is een ervaren mens als De Inquisiteur al wel op voorzien, dus rustig richting terras met een kop koffie. Talloze vlinders bezoeken alles wat bloem draagt. Hetzelfde voor de vogels waarvan ondergetekende er enkele herkent – uit de dierentuin van Antwerpen. Buffels met rinkelende bel om de nek worden de velden in gestuurd, ze zijn enkel begeleidt door een hond want ze kennen de routine. Een vrouwtje in die typische klederdracht van de streek wandelt naar het lokale winkeltje. Heerlijk toch. 

Doch een halfuur later een autostoet : er zijn lokale verkiezingen. Een kakofonie op het hoogste volume : muziek, toespraken en ander lawaai. Om zeven uur ‘s ochtends !! De in rood uitgedoste wagens zijn talrijk en De Inquisiteur heeft wat medelijden met de enkele wagen van een tegenpartij die eenzaam net zoveel lawaai produceert maar die al weet dat hij hier geen enkele kans maakt op verkozen te worden. En dit gaat een ganse dag door, om de twee uur verschijnt de stoet terug, een klein dorpje als het onze ben je snel door natuurlijk. Stilte ?

 

De tweede dag is de Inquisiteur energievol genoeg om het ‘dak-boven-het-hoofd’ syndroom verder te verwezenlijken. Metsers-, loodgieters- timmer- en ander gereedschap in de auto en vandaag zal hij eens aan de keuken beginnen. Ai. Kan niet klinkt het bij het laden van de auto. Boeddha dag. Er mag niet gewerkt worden. Een plaatselijk fenomeen want vijf kilometer verder is men volop aan de slag … . OK, rust. Installeer je jezelf in de hitte onder de plafondwaaier met je laptop, wegens de noodzakelijke recup voor het lichaam een heerlijk zelfgemaakt fruitsapje (mango’s uit de tuin) erbij, de asbak en sigaretten ver weg, koptelefoon op, computergame aan en we zijn vertrokken voor een uurtje of drie spelplezier. Denk je.

Een halfuur later meld de <chang faa> zich (de vakman die de valse plafonds gaat steken). Hij wil de gipsplaten aankopen en heeft geld nodig, zo gaat dat hier. En instructies aangaande hoogtes en dergelijke – waarom snapt ondergetekende niet goed want iedere ‘vakman’ doet hier ongeveer wat en hoe hij het wil, dit wil zeggen, de weg van de minste problemen en inspanningen. Game over en laptop weg, auto in, de chang faa is niet van het dorp en het magazijn waar men die dingen kopen kan ligt op veertig kilometer hier vandaan.

Twee en een halfuur later kan de laptop terug aan. Voor een kwartiertje want er staat een vrachtwagen voor de bouw. Met de vloertegels, graniet, cement, zand. Dat moet gelost worden. De levering komt uit de omgeving van Udon Thani – zowat honderddertig kilometer hiervandaan, hoe kunnen die nu weten dat er hier een plaatselijke Boeddha-dag is? De chauffeur is alleen en ondergetekende kan eenzaam de ganse vracht gaan lossen … . Rust ? Trager leven ?

 

Gelukkig houdt De Inquisiteur van het platteland dat stilaan op zijn mooiste komt. Zon, warmte en af en toe een bui laten alle gewassen, gecultiveerd of wild, in volle groei komen. Groen is nu de hoofdkleur. Ook de dierenwereld is op zijn hoogtepunt aan het komen. Vogels, vlinders, kikkers, zelfs de buffels. Het voedselaanbod is enorm en hierdoor komen ook de dieren die hoger op de voedselketen staan tot leven. Grote hagedissen doen zich te goed aan de kleinere insecten. Kikkers die stuk voor stuk een kilo of drie zwaar zijn. De paartijd komt eraan en dat brengt exotische geluiden met zich mee, alleen, wat voor soort beest is het ? Een aaibaar exemplaar ? Een bijt-graag exemplaar ? Een giftig exemplaar ?

En er zijn er nog paar kleine nadelen. 

Enorm veel vliegbeesten en in het huidige logement van De Inquisiteur steken geen ramen. Enkel, weliswaar pittoreske, houten luiken maar daar kunnen geen horren in … . Onder het dakgebinte van het terras zitten twee enorme <tok-kei’s>, een soort hagedis. Zo’n centimeter of dertig lang. En die komen ‘s avonds tevoorschijn wanneer de TL-lamp aangaat want die trekt insecten. Doch tok-kei’s moeten ook hun behoefte doen en dat is minder leuk wanneer je zonder de bank te controleren heerlijk relaxt gaat zitten. 

Ook de hitte eist zijn tol, af en toe gaat het hier boven de veertig graden celcius – in de schaduw welteverstaan. Da’s warm. En het brengt onweders met zich mee. Op Thais niveau : uitbundig. Donder en bliksem die je laat buigen en een massa regen. Alsof je de douche open zet. En die massale regenval laat de dieper gelegen rijstvelden onder lopen. Mooi zo zeggen ze hier, dat is nodig want het is de grootste bron van inkomsten voor de landbouwers. Alleen, die rijstvelden lagen een maand of vier kurkdroog en waren de ideale verblijfplaats voor de slangen – die worden nu gedwongen nieuwe schuilplaatsen op te zoeken. Moet je zien waar je loopt want er zijn er honderden onderweg !

De natuur – ik hou er wel van maar ik moet nog veel leren blijkbaar.

 

Ik ga de kroegbaas van de Brass Monkey uitnodigen. Ik wil hem hier zien. Dat wordt lachen !  

De Inquisiteur

 

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.