Laagseizoen

 

Einde april begint voor toeristisch Thailand het laagseizoen. Helemaal anders dan in meer noordelijke hemosferen natuurlijk, maar zowat alle ervaren expats houden ervan. In juli en augustus zien we nog een aantal bleke figuren verschijnen, maar dan, vanaf september wanneer de regens gedurende twee maanden onze contreien wat zwaarder gaan plagen, genieten we van ons wereldje tot begin december zonder de overvloed aan toeristen, avonturiers, vrouwengekken, zuipers en andere maffia-figuren. Nu ja, behalve diegenen die hier wonen natuurlijk. Weinig of geen idiote verhalen meer van mensen die overvallen werden, een ongeval kregen, financieel in de zak werden gezet. Want dat overkomt ons expats niet, enfin, de meesten toch niet.

 

De straten van Nongprue zijn terug de onze. Heerlijk brommeren tussen de eetstalletjes, trage taxi’s, onwetende chauffeurs en roekeloze motorrijders. Voor wandelaars moeten we niet opletten, dat doen alleen de toeristen in dit warm land. Zalig de bochten nemen rond het Maprachan-meer waar talloze zonnige terrasjes liggen. Allemaal helmloos natuurlijk, de politie weet ook dat er weinig te rapen valt, een expat is een minder makkelijke prooi dan een toerist – die troggel je niet zo maar een boete af. We hoeven niet uit te kijken naar getatoeëerde blekelingen op een gehuurde zware motorfiets die denken dat ze zo veel beter zijn dan de rest van Thailand. Geen gedoe met ongeduldige farangs die in een gehuurde auto doen alsof ze geen tijd hebben en denken dat de Europese verkeersregels hier ook gelden. Dat er wegens de sporadisch tropische hoosbuien wat meer putjes, ach, ik zal eerlijk zijn, diepe kuilen verschijnen in het wegdek is voor ons geen probleem – we weten waar ze liggen. Dus geen gezeur aan de toog over het rijgedrag van de Thai, nu is het lachen. Geen geklaag over de staat van het wegdek want we waarschuwen elkaar. Geen gedoe over de hebzucht van de politie – dat zijn nu onze vrienden geworden want die drinken ook graag een biertje.

 

Zelfs Sukhumvit Road is wat rustiger. De bussen rijden nog steeds heen en weer met kijklustigen uit Japan, Korea en China maar het andere verkeer is minder geworden. Dat geeft ons tijd om er overheen te meanderen terwijl we kijken naar de prijzen van goederen in de talloze shops die deze snelweg afbakenen. Want ook de prijzen zijn gedaald. En niet alleen de prijzen van die dingen die een toerist begeerd zoals kledij, Thaise prullaria en elektronica. Maar ook voedsel en drinken in de supermarkten daalden en zelfs de prijslijsten in de horeca zaken zijn verwisseld. De ‘farang-prijslijsten’, zo’n dertig tot vijftig procent hoger, komen in juli en augustus nog even tevoorschijn in de restaurants van Pattaya en andere toeristenvallen maar verdwijnen dan weer tot begin december. Dat maakt restaurant bezoekjes nu extra aantrekkelijk voor ons. Of gewoonweg doorheen dit mooie land trekken : de hotelprijzen zijn met minimum dertig procent gedaald en ze geven nu zelfs mooie upgrades gratis weg zodat we in kamers logeren die normaal gesproken niet in ons budget passen. Ook de benzineprijzen zijn gedaald en de boemeltreinen zijn niet meer overbevolkt door lawaaierige en druk fotograferende toeristen. Kortom, nu kunnen we ongestoord leven zoals we willen.

 

En zo gaan wij dingen doen die je in je vorige thuisland niet voor mogelijk hield. Cultuurbarbaren gaan nu wel naar de Boeddhistische tempels, weliswaar onder druk van hun diverse gades, Thaise familie of buren en vrienden, maar ze gaan. Laten zich zegenen naar een volgend leven.

Gaan we naar toeristische hotspots want je moet er niet aanschuiven, bovendien kunnen de meesten onder ons er aan Thaise prijs binnen wegens Thais rijbewijs – nu doen ze daar niet moeilijk over.

Zijn we bereid om naar het strand te gaan – omdat er altijd risico op een kleine bui is en dus reden tot afdruipen hebben.

Macho’s gaan nu wel winkelen – ook al onder druk van vrouwelijk schoon, maar ze gaan. De markten, shops en winkelcentra moeten hun omzet houden en de Thaise truc “weinig klanten dus prijzen omhoog” werkt bij ons niet, wij kennen immers de prijzen.

Diegenen onder ons die vrij ongezond leven gaan dat nu wel doen. Dat komt omdat we hier qua groenten en fruit nog seizoensgebonden leven : de eerste mango’s en bananen zijn verkrijgbaar, binnenkort komen er nog veel meer soorten als rambutan en andere op de markt. Groenten die we niet kennen kopen we wegens spotgoedkoop.

Ondergetekende, die net als onze stamkroeghouder Jack met een tandartsfobie van jewelste zit krijgen ze nu wel mee. Maar dat is omdat je dat hier met z’n vijven doet wat een boel lol veroorzaakt, bovendien ga je nadien stappen natuurlijk.

 

En de feestneuzen onder ons hebben de tijd van hun leven : de talloze cafe’s, bar’s en aanverwante hebben te weinig klanten. Dus direct parkeerplaats voor de deur, je hoeft je brommertje geen twee straten verder te plaatsen. Zelfs de enige auto-parkeerplaats van onze stamkroeg is nu regelmatig vrij. Je kan direct gaan poolen of darten – de tafel of bord staan of hangen er uitnodigend vrij bij. Je kiest zonder problemen de beste stoel uit aan de toog – in de airco want toch geen andere klanten aanwezig. De serveuses komen onmiddellijk je order opnemen en je hoeft er geen twintig minuten op te wachten. En ze zijn uitermate vriendelijk want nu geen argeloze toeristen die ze geld kunnen aftroggelen dus proberen ze dat met ons – ons succes bij hun is groter dan hun succes bij ons. De kroegen blijven wat langer open, de politie houdt nu ook vakantie en komt nauwelijks controleren of de sluitingstijd wordt gerespecteerd. En je hoeft ‘s nachts niet uitermate traag en voorzichtig huiswaarts te brommeren – enkel dronken expats onderweg.

 

Wegens te kort aan spelers komen de diverse poolcompetities aan hun einde en worden de kampioenen gevierd. Of krijg je een houten lepel, een Engelse traditie wanneer je als laatste eindigt maar daar ontsnappen we net aan – weer reden tot feest. Kunnen we in discussie gaan met de bareigenaars die onmiddellijk een nieuwe competitie willen opstarten terwijl wij klanten enkele weken ‘rust’ willen. En dus ontwikkelen de slimmere bareigenaars allerlei evenementen om ons toch in hun kroeg te lokken. Jack, onze stamvader, is daar een expert in. “Mix-double” – wat dat ook moge voorstellen, deelnemen doen we toch. Onderlinge duels wanneer ze meer dan 1 team hebben, en ja, Jack heeft er twee. Wie weet wat hij nog in petto heeft, ondergetekende hoorde hem praten met een Thaise manager over moddergevechten. Met een andere over coyotedansen. En er zou een happy-hour komen in onze bar. Twee drinken en eentje betalen van 16 tot 22u – zowat de ideale tijd voor expats als wij. 

 

Jep, laagseizoen is voor expats hoogseizoen !

De Inquisiteur

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.