Bierloos

Bovenop het wat grijzere weer krijgen we nu ook te maken met een andere rem op onze uitspattingen : het zijn bierloze dagen. Twee volle dagen mag er geen alcohol verkocht of geschonken worden, Boeddha zorgt voor onze lever. Gisteren, 22 juli, was het <Asalha Puja> en vandaag, dinsdag 23 juli hebben we <wan Khao Phansa>. Belangrijke Boeddhistische feestdagen die de eerste prediking van Boeddha in Benares herdenken. Voor echte Boeddhisten begint nu ook een vastenperiode van drie maanden maar Thai zijn nogal vrolijke feestbeesten en de overheid stelt dan maar een verplichting in van twee dagen zonder alcohol, kwestie van het volk een beetje in rede te houden. En daar valt de rest van de wereld die hier aanwezig is ook maar onder, vele toeristen schrikken zich momenteel rot en wij expats ondergaan het lijdzaam. Of niet? Want de Inquisiteur heeft enkele Brass Monkeyers betrapt die het verbod aan hun laars lappen.

 

Al enkele dagen was er een lichte onrust in de farang-gelederen, als altijd weten velen hier de klok hangen doch niet de klepel. En beginnen de speculaties. De grootste optimisten verkondigden dat het niet waar was, zo’n vaart zou het niet lopen, men kan toch niet iedereen over dezelfde kam scheren? Terwijl dit ieder jaar weer plaats vind, alleen wijzigt de datum steeds want afhankelijk van de stand van de maan (het moet volle maan zijn). Zij die met een “het-glas-is-steeds-halfvol”-mentaliteit rond lopen hoopten op een enkele dag en dachten dat de winkels wel zouden verkopen. Maar ook zij lopen met de neus tegen de muur, niks verkoop in de grote supermarkten, noch bij de bierstekers, in de Seven/Elevens niet, niks te krijgen in de Family-Markets. Enkel de kleine buurtwinkeltjes durven het verbod wel eens aan hun laars lappen maar dan loop je het risico om gelovige Thai te shockeren wanneer je met een zak vol bier rond loopt.

 

Toen het dan toch langzamerhand in sommige hardhoofden doordrong dat er inderdaad een twee dagen durende sluiting voor de deur stond -want ook de Engelsen, Amerikanen, Canadezen, de Scandinaviers en andere expats zitten met dat probleem-, begon het grote bacchanaal om een droge lever te vermijden. De week voorgaand aan die kleine onthouding ging de omzet in de cafe’s danig omhoog. Ook ondergetekende was hiervan het slachtoffer, het leek wel alsof ik weer een midlife crisis onderging. De Brass Monkey bruiste van het leven, niemand wou een dag missen. Alsof de wereld ging vergaan. En dan kwam de onvermijdelijke eerste dag.

 

De slimsten hadden hun voorraad al enkele dagen vooraf in huis gehaald en drinken nu gezellig thuis. Zo zijn via de moderne media Daan, Leen en Gerard tegen de lamp gelopen, op de foto’s staat een beetje eten dat echter de grote hoeveelheid bier niet kan verbergen. Peter-de-eter zijn gade fotografeerde kippenbillen op de barbecue en daar zal ook wel bier bij geschonken zijn vermoed ik. Tenzij het bier wat hoger in prijs stond, dat durven ze hier in tijden van schaarste, dan houdt Peter het bij water.

Jack, onze kroegbaas, dacht helemaal slim te zijn. Wegens de verplichte barsluiting versast hij voor enkele dagen naar het diepere zuiden van Thailand, in de negorij waar ook Marcel al een poosje vertoeft. Maar Jack heeft pech. Ten eerste al wegens het klimaat aldaar : het regenseizoen is ginds veel zwaarder dan hier en we zagen dan ook de regenjassen klaar steken in Su’s netzakje. Foto’s op smoelenboek wijzen uit dat er ginds inderdaad regenklare wolken hangen. Ten tweede, Jack, die normaal gesproken verre reizen mijdt als de pest, dacht dat het op dat platteland wel zo geen vaart zou lopen, per slot van rekening zit hij nu dicht bij de zuiderse en moslimse provincies. Dat moslims helemaal geen alcohol drinken stond hij niet bij stil. Dus geen bier te zien op de fotokes.

David, in een ver verleden kapitein van het poolteam, haalde snel familie naar Thailand. Zodoende hoeft hij nu niet stiekem te gaan pintelieren, hij voegt zich naar de regels van zijn nieuwe vaderland – alvast voor twee dagen.

 

Vandaag, dag twee, kom je de kroeglopers zowat overal tegen. Ze vervelen zich. En kruipen ze in de centra’s als Foodland waar de Inquisiteur Eddy-de-Australiër op het lijf liep, mandje in de hand en gezonde voeding aan het kopen. Fredje-de-zakenman telefoneert zich te pletter, hij schuimt de straten en pleinen af op zoek naar koopjes en wil die onmiddelijk aan de man brengen doch kan dat nu niet bij zijn vaste klandizie in de kroegen. Kip, buurvrouw en notoire zuipster, loopt rond als een, jawel, kip zonder kop vanwege ontwenningsverschijnselen.

Bij de croissanterie ontmoet ondergetekende enkele Nederlanders – die eten normaal gesproken thuis maar nu maken ze van de nood een deugd, koffiekletsen is de boodschap, letterlijk en figuurlijk. Landgenoten bellen me op uit verveling, dus praten zonder noodzaak. Op soi Nern Plub Waan zie je de vaste tooghangers langzaam voorbij wandelen, hier en daar een hopeloze blik gooiend op de gesloten rolluiken van hun diverse stamkroegjes.

 

De Inquisiteur vreest voor komende woensdag. En donderdag, gaan we weer eens stappen met de stamgasten van de Brass Monkey. Jack zal er niet bij zijn, die zit vast. Zijn busje vertrekt pas woensdagnacht – zit hij nog een dag langer daar in de negorij.

De Inquisiteur

 

Ervaring

Wie verhuist naar een wat verder gelegen land en er een poosje woont neemt andere gewoontes aan en vervreemd van zijn eigen cultuur. Natuurlijk, we spreken hier niet van enkele maanden of een paar jaar, dat gebeurd pas na minimum een jaar of zeven, acht. En dan hangt het nog af van waarheen je verhuist. Ieder ander Europees of westers georiënteerd land zoals de Verenigde Staten, Canada, Australië en andere tellen niet mee. Ook bijvoorbeeld Turkije niet want ook hier probeert men stilaan een westers leven te leiden. Zuid-Amerikaanse landen zijn op het randje, katholiek tot en met dus veel gelijkenissen met Vlaanderen. Zuid Afrika, Suriname en andere onzin zijn te Nederlands. Neen, pas wanneer je naar een totaal andere cultuur verhuist wordt je anders. Botswana. Japan. Libanon. China. Ethiopië.

En Thailand.

 

Thailand is zelfs een speciaal geval, hier is geen enkele andere invloed van welke kolonisator dan ook want die zijn hier nooit geweest. Nu ja, Birma is hier enkele honderden jaren geleden eens binnengevallen en even gebleven, tijdens de tweede wereldoorlog kwamen de Japanners wat roet in het eten gooien maar dat was telkens slechts voor een paar jaar. De naam alleen al zegt genoeg want het betekent ‘vrij land’ of ‘vrije mensen’. En dus vind je de Thai in den beginne nogal koppig en vreemd. Vriendelijk genoeg maar erg leep. Je word ingepakt met een strikje rond en zodoende geraken enkel de wat sterkere karakters niet verzwolgen.

 

Dus worden we niet te snel meer boos voor wat dan ook. Neen, <mai pen rai> is het motto. Je haalt je schouders op wanneer de <chang> (vakman) met je voeten speelt door aan een karwei te beginnen om je vervolgens zeven dagen in de steek te laten. Je gaat met een westerse glimlach vertellen dat je roestvrijstalen schroeven wil in plaats van die roestende ijzeren. En je aanvaard met een oosterse glimlach dat hij dat toch niet doet omdat hij ouder is dan jij. Je kijkt niet meer op wanneer de werklui die je tuinmuur aan het bouwen zijn urenlang liggen te slapen in de koele schaduw van een boom. Je wind je niet meer op wanneer de karwei gedurende weken doorgaat terwijl je weet dat het in tien dagen kon worden gedaan. Je gaat niet uit je bol wanneer de afgesproken prijs met tien procent omhoog gaat.

Omdat je langzamerhand hun cultuur leert kennen : de vakman laat je helemaal niet in de steek, hij wilde gewoon niet dat je je slecht zou voelen wanneer je een week zou moeten wachten voor hij kon komen. Je weet dat je als jongere man nauwelijks een oudere kan commanderen. Je weet dat het hier warm is en dat je moet afkoelen in de schaduw – waarom dan niet meteen een beetje slapen? Wat maakt het uit dat de karwei veel langer duurt dan nodig? Je geeft ze immers te eten en veel te drinken, hebben ze voorlopig geen zorgen en dus blijven ze graag wat langer. Je weet dat een afgesproken prijs zowat altijd kan verhogen – je gunde ze toch dat karwei wegens veel te goedkoop?

 

We aanvaarden die vreemde dingen die gebeuren wanneer we ergens wat kopen. We hebben er geen probleem mee om een dag later een vriend te moeten sturen om diezelfde kraan te kopen die je zag liggen in de winkel maar die de verkoper je niet meer wilde geven – omdat hij in eerste instantie had gezegd dat ze die niet hadden. We proberen serieus te blijven wanneer blijkt dat na de opsomming van keuzes het uitgekozen product blijkbaar toch niet voorradig is. We maken een grapje wanneer de serveuse steeds weer met je meer dan nog halfvol flesje bier begint te schudden en vraagt of je er niet nog eentje wil bestellen. We krijgen de slappe lach bij de steeds weerkerende vraag bij het bestellen van een eerste biertje : <nung khaa?> of “only one?”. Een echte expat kijkt niet meer op wanneer zijn steak doorbakken op tafel komt terwijl je er wel drie keer erop wees dat je hem bloederig wou. We vinden het normaal dat de frietjes een halfuur na de gebraden kip worden opgediend. Of dat de soep samen met het dessert arriveert.

Omdat we de cultuur van gezichtsverlies kennen : de verkoper van die kraan kan het gewoonweg niet meer aan jou gunnen door dat fenomeen. Iedere verkoper somt altijd het ganse gamma op ondanks het feit dat hij weet dat vele dingen niet voorradig zijn – hij gaat zijn werkgever toch geen gezichtsverlies bezorgen? Het feit dat ze je een nieuw biertje willen aansmeren doen ze altijd uit goede wil – da’s toch fijn zo? En waarom zouden ze niet vragen of we er meteen twee in plaats van eentje willen – we drinken ons eerste biertje van de dag altijd in tien seconden leeg. En willen we nu echt dat die nieuwe, totaal ongeschoolde, immigrant uit een godvergeten plattelandsdorpje kennis heeft van alle westers eten? Thai food komt altijd op tafel wanneer het klaar is. En eet iedereen van iedere schotel – gaan wij nu klagen dat er drie van de vier tafelgenoten nog niets kregen terwijl de vierde allang voldaan is?

 

In het verkeer nemen we beetje bij beetje hun rijgedrag over. Wij denken allang niet meer na of we net op die gewenste plek wel verantwoord kunnen parkeren. We zetten ons daar waar we moeten zijn, verkeersopstopping of niet. Wij draaien van links naar rechts zonder na te denken wat we veroorzaken bij de andere weggebruikers. Dat doen de Thai toch ook? Richtingsaanwijzers – ok, als we het niet vergeten wat we in tachtig procent van de tijd wel doen. Helm dragen? Pfff, het is hier wel warm hoor dus doen we dat enkel op de uren van politiecontrole. Ha ! Rijden we tweeëntwintig van de vierentwintig uur zonder. Snelheidscontrole? Woh, niemand van de expats weet wat de maximum toegelaten snelheid is op Sukhumvit Road. Of op Pattaya Klang. Of op Nern Plub Waan. Of Sai Siam Country. Rijden en drinken? Da’s een nutteloze vraag, niemand die er hier wakker van ligt. En wij ook niet.

 

Dat veel spullen stuk gaan zijn we allang gewent. Of dat nu een simpele deurknop is of een gesofisticeerd telefoontje. Of dat nu onze afvoerbuizen zijn of de elektriciteitsleidingen. Of dat de knoppen van onze broek springen. Of de mouw van dat nieuwe shirt scheurt. Of dat er scheuren in de muren komen. Of dat er telkens weer en ieder jaar en op dezelfde plaatsen putten in het wegdek komen. Of het toilet gaat lekken. Dat er dagenlang geen leidingwater is. Dat de stroom op gezette tijden weg valt. Of de kabeltelevisie vaak uitvalt, net als internet. Dat er geen garantie bestaat. Geen rampenplannen bestaan. 

Pfff, wie maakt zich daar nu zorgen over? Simpele dingen herstellen we zelf, ‘je plan trekken’ zeggen ze in Vlaanderen. De duurdere hebbedingen zoals telefoontjes en andere zijn hier spotgoedkoop – als je met een kopie genoegen neemt.

Een scheur in de muur? Een toilet dat lekt? Vandaag geen leidingwater? Een uurtje of vier geen elektriciteit? Geen televisie? Geen internet?

“Et alors?” – naar de Franse ex-president Francois Mitterand.

 

Het is hier 350 dagen op 365 mooi weer en we moeten wel trager bewegen dan vroeger om niet in zweten uit te barsten – dat komt ons mooi uit. De mensen lachen altijd. Je komt hier nooit te laat. De overheid valt je hier niet lastig. Er zijn nauwelijks verboden en geboden. Zware belastingen moeten ze hier nog uitvinden. En er zijn nog nooit problemen geweest met Singha-bier. Of Leo, of Chang. Schol !

De Inquisiteur

 

Wat een leven

Eigenlijk mogen wij, op zijn Vlaams gezegd, ‘onze pollen kussen’ (voor de Nederlanders : onze handen zoenen, een gezegde in het Antwerpse waarmee men bedoelt dat men veel geluk heeft). Een mooier leven dan dit bestaat niet. Een heerlijk klimaat, vrolijke en onbezorgde mensen, een verdraagzame regelgeving, een betaalbaar leven, een wereldkeuken in handbereik, prachtige kuststreken met paradijselijke eilanden, mooie bergstreken met ongerepte oerwouden, … . Wat moet een mens nog meer?

 

Iedere dag begint al met onbezorgd wakker worden op een uur dat je het best past. Lekker vroeg gaan slapen maakt dat je een heerlijke ochtend beleefd in een aangename temperatuur, een mooie zonsopgang, zingende vogels en spinnende poezen. Genadeloos pintelieren maakt dat je lekker kan uitslapen en zalig kan luieren tot je weer op niveau bent.

De ijverigen onder ons gaan bij een kopje koffie via computer of televisie even na wat er in die andere boze wereld aan de gang is, het nieuws tovert meestal een meelevende glimlach op ons gelaat en vervolgens gaan we aan de slag met onze diverse hobby’s. Tuinieren tussen de tropische aanplant, de koi’s in de vijver bewonderen en verzorgen. Anderen gaan van een ontbijtje genieten ergens op hun favoriete terrasje. Sportievelingen trekken naar de goedkope maar uitstekende ingerichte fitnesscentra om hun conditie bij te werken. Sommigen gaan een uurtje joggen of fietsen. Anderen gaan met de motor rijden, sommigen houden van kaart spelen. 

 

Velen hebben midden in de week een dagje uit gepland. Brommeren in een koesterende zon naar een strand waar ze zich neervlijen op een rieten matje in de schaduw van een palmboom en genieten de rest van de dag van strandgenoegens : beetje zonnen, beetje zwemmen, beetje snorkelen. Stillen de honger met een van die typisch Thaise schotels vol met verse en gezonde ingrediënten. Anderen rijden met de auto naar een natuurpark, een Boeddhistische tempel of een speciale attractie die hier bij de vleet in de omgeving liggen. Nog anderen genieten van de koele lucht in een van de vele shoppingcentra waar ze de Thaise handwerkjes bewonderen of genieten van het aanbod van moderne technologie.

Regelmatig plannen we enkele dagen op stap in dit mooie land. Genieten van een wereldstad als Bangkok. Varen met een houten boot naar een tropisch eiland. Gaan kijken naar de bergen en oerwouden in de streek rond Chang Mai. Rijden we langs de meanderende Mekong aan de grens met Laos. Gaan nieuwsgierig kijken op Pukhet of Koh Samui. En de meesten onder ons hebben hun ietwat geheime maar o zo zalige plekjes ergens hier in zuid-oost Azië. 

 

De ene dag houden we de activiteiten de ganse dag vol, sommige dagen keren we kort na de middag huiswaarts. Lekker op het eigen terras of in de sala een trage namiddag doorbrengen onder een plafondwaaier. Genieten van eigen hebben en houden, genieten van je gezelschap, genieten van het trage leven. Niemand die je aankijkt wegens lui zijn. Niemand die je aanzet tot meer ijver. En ben je dan toch in de stemming voor wat activiteit doe je dat voor een uurtje. Of twee uur. Of de rest van de dag – niemand die je zegt dat iets op tijd moet klaar zijn.

 

Enkelen zakken in de late namiddag af naar de stamkroeg. Borreluurtje dat uitmondt in heerlijk toogplakken. Of toch tijdig stoppen en met je partner iets gaan eten. Lekker exclusief of zalig goedkoop. Tijdig naar huis gaan of nog een afzakker gaan nemen. Niemand die je zegt dat het een weekdag is en dat je gisteren ook al afzakte. Soms hebben we verplichtingen – die we zelf organiseerden. Kunnen we gaan poolen, anderen gaan darts spelen. En komen we met plezier een uur te vroeg op de afspraak en blijven we met nog meer plezier twee uur te lang plakken.

 

Af en toe spreken we eens wat af, om te gaan stappen. Een uitzondering daar gelaten zijn we allemaal vijftigplussers die zich als een onbezorgde achttienjarige gaan gedragen, maar geen mens hier die daar commentaar op heeft. Voelen we ondanks zoveel levenservaring ons nog onbezoedeld, ongerept. Doen we dingen die eigenlijk niet bij onze leeftijd passen maar daar hebben we geen wroeging bij.

En zo gaan we straks nog eens op pad. Met een man of vijf op onze brommerkes. Vrolijk en wel op een donderdagmiddag. 

Ja, we mogen onze pollen kussen !

De Inquisiteur

 

Bericht van de penningmeester

Bericht van de penningmeester

 

                     Programma Algemene Vergadering van  (nog nader te bepalen datum)

 

1) Neerlegging en verkiezing van diverse functies :

 

     – Trainer / Coach   

          ervaring gewenst/geboren voor 1959

          slechte verloning/geen bonussen

          bierdrinkend is een vereiste

          graag toch iemand met een redelijk speelniveau

          van het mannelijk geslacht – wij zijn te ouderwets om onder een dame te kunnen spelen

 

     – Haptonoom

          geboren tussen 1980 en 1990 / geen ervaring nodig (nu ja)

          wonende in omgeving Nern Plub Waan – Kao Talo

          voorkeur voor het vrouwelijk geslacht – aangezien wij vooral op de massages gesteld zijn 

 

     – Penningmeester

          hiervoor dient een examen afgelegd te worden

          geen leeftijdsvereiste/ervaring verplicht

          geduldige persoonlijkheid nodig

          kapitaalkrachtig is een must

 

Sollicitaties binnen brengen voor 15/07/13

De functies van materiaalmeester en schminkmeester zijn niet ter sprake wegens weinig werk. Deze heren blijven voorlopig verplicht op post.

 

2) Dankwoord van het Management aan spelers, bestuursleden en supporters.

 

     – Zien we eindelijk wie het hier voor het zeggen heeft.

 

3) Voorstel van de ex-penningmeester om het bestaande Management buiten te gooien.

 

     – Wij willen meer gratis drinken en meer boottochtjes.

     – Wij willen geen achterbakse benoemingen zoals voorheen. (in casu deze van coach)

     – Graag iets kleinere ballen en grotere openingen in de tafel (dit is een speciaal verzoek van de Heer David)

 

4) Bepalen datum van onze Fandag

 

     – Deze dag moet ergens in augustus kunnen plaatsvinden. De oude Penningmeester wil anders het geld niet afgeven.

     – Samenstellen programma Fandag

 

5) Financiën 

   (nog onder supervisie van de oude Penningmeester)

 

     – Supporters en anderen die wensen deel te nemen aan de Fandag : bijdrage 720 Tb uitsluitend te betalen aan de oude Penningmeester

     – Voorstel optrekken boete afwezigheid : van 20 naar 60 Tb

        (dit om te vermijden dat zakkewassers als Bob nog zo goedkoop kunnen deelnemen)

 

6) Allerlei

 

     – Dit geeft onze Engelse collega’s de kans om te erkennen dat wij nog steeds het betere team zijn.

     – Dit geeft onze Engelse collega’s de kans om ons te bedanken wegens meermaals ‘depanneren’

     – Dit geeft bureaucraten als Jan en Nico de kans om ook iets te zeggen

De Inquisiteur